The art section of the Dutch broadcasting network "AVRO" pays attention to our Harland Miller exhibition, you can read the article below.

(source: avro.nl)

De Britse kunstenaar Harland Miller staat vooral bekend om zijn vertolkingen van het klassieke Penguin boekomslag. Miller, zelf ook gepubliceerd auteur, schildert doeken van zo'n anderhalve of twee meter hoog en voorziet de doorleefde kaften van alternatieve titels. Nostalgie met een puntige ondertoon.

Door Charlotte Wagenaar

Miller's werk doet denken aan tekstuele kunst in de traditie van René Magritte's La Trahison des Images, beter bekend als Ceci n'est pas une pipe. Miller schildert boeken die niet bestaan, verhalen die nog niet zijn verteld. Op het eerste gezicht hebben de enorme, kleurrijke olieverfdoeken met het bekende grid van twee horizontale kleurbalken en de iconische pinguïn een vrolijke en vertrouwde uitstraling. Pas in tweede instantie vallen teksten als "Don"t Let the Bastards Cheer You Up", "If the Phone Don't Ring, It's Me" en "You Can Rely On Me, I'll Always Let You Down" op.

Tijdens de opening van Miller's Amsterdamse tentoonstelling in de Reflex galerie in september was tattookunstenaar Hanky Panky aanwezig om dergelijke spreuken in de huid van enkele bezoekers te vereeuwigen. "Angstaanjagend om te zien, zo uit de losse pols met zwarte onuitwisbare inkt", aldus Miller. "Bovendien, buiten de context van mijn schilderijen krijgen de teksten nog meer gravitas".

Edgar Allen Poe
In zijn kunst komen Millers twee liefdes samen: schrijven en schilderen, kunst en literatuur. Het literaire oeuvre van übermacho Ernest Hemingway wordt fijntjes samengevat op het doek met de titel "I'm So Fucking Hard". Ook Edgar Allen Poe krijgt een dergelijk eerbetoon: "Murder, We've All Done It". In 2008 was Miller zelfs curator van een tentoonstelling rondom Poe, waarin 34 bekende kunstenaars een werk maakten op basis van een kort verhaal van Poe dat Miller hen toestuurde.

Miller's eigen debuutroman Slow Down Arthur, Stick to Thirty verscheen in 2000 en kreeg lovende kritieken. Vanaf de vroege "noughties" werd de charmante Brit een graag geziene gast in zowel het literaire circuit als op de Londense kunstfeestjes. De 49-jarige Miller heeft een brede vriendenkring, van Tracy Emin, Damien Hirst en White Cube uitbater Jay Jopling tot Pulp-frontman Jarvis Cocker. Zijn misschien wel meest bekende doek "International Lonely Guy" hangt in de slaapkamer van Elton John en ook George Michael heeft een Miller in zijn Londense huis hangen: "Incurable Romantic Seeks Dirty Filthy Whore".

Tweedehandsboeken
Millers fascinatie voor Penguinboeken stamt uit zijn jeugd in het grauwe, afgelegen Noord-Engelse Yorkshire. Zijn moeder was typiste en onderwees steno, zijn vader werkte in een snoepjesfabriek. Hij struinde rommelmarkten en veilingen af en kocht op goed geluk dozen vol tweedehandsboeken. "Hij hoopte altijd op een waardevolle eerste druk. Die heeft hij nooit gevonden". Door de hobby van zijn vader groeide Miller op tussen een rijkdom aan goedkope en ongeordende boeken. "Het waren er zoveel dat we er gewoon in mochten tekenen. Later scheurden we stukjes kaft af om shaggies mee te rollen. Een James Joyce stond dan in de kast naast semi-pornografische romannetjes met titels als Confessions of a Window Cleaner. Die vermenging van high en low culture spreekt mij nog steeds aan".

De klassieke Penguin omslagen kwamen in 1935 op de markt met de bedoeling om cultuur voor iedereen betaalbaar en toegankelijk te maken. Om de prijs te drukken werd er onder andere bespaard op figuratieve ontwerpen op de kaft. Ook later bleven veel mensen overtuigd van de kracht van typografie en een goeie tekst. De Amerikaanse J.D. Salinger, auteur van Catcher in the Rye, liet een clausule opnemen in zijn contract waarin werd vastgelegd dat zijn boekomslagen alleen titel en auteur mochten bevatten. "De meest pure omslagen zijn vrij van beeld", zegt Miller. "Alles wat je nodig hebt is een goeie titel. En in het geval van het Penguin ontwerp, heb je zelfs dat eigenlijk niet nodig". Tegelijk met het uniforme omslag voerde Penguin kleurcodes in. Een oranje Penguinboek stond voor fictie, blauw voor biografie, groen voor misdaad, paars voor essays en brieven, bruin voor religie en geel voor divers. "Ik houd van deze no-nonsense vorm van uitgeven", zegt Miller. "Door te experimenteren met eenzelfde tekst in verschillende kleuren maak ik schilderijen met een totaal andere uitstraling".

Door te spelen met vorm en inhoud komt Miller tot zijn kenmerkende, visueel en verbaal sterke doeken. Ze zijn opzichtig maar toch ontroerend; type ruwe bolster, blanke pit. En waar Magritte het bestaan van de door hem geschilderde pijp op hetzelfde doek alweer ontkende, doet Miller het tegenovergestelde. De vele lagen verf en bewust geschilderde gebreken geven de boekomslagen een verweerd uiterlijk, alsof ze overgeleverd zijn geweest aan de elementen of aan een intensieve gebruiksgeschiedenis. Op die manier geeft Miller zijn tweedimensionale boeken alsnog een verhaal.

Het werk van Harland Miller is nog tot 24 november te zien in de Reflex Galerie te Amsterdam.